Ricardo Brey in de stad Antwerpen

Ricardo Brey (1955) is afkomstig van Cuba en vestigde zich al in 1991 door toedoen van Jan Hoet in Gent na zijn uitnodiging tot deelname aan Documenta IX in Kassel (1992).
In 1997 krijgt Ricardo Brey de Vlaamse Beeldende Kunstprijs wat een moedige opening betrof van overheidswege om een niet-vlaming zo een officiële Prijs toe te kennen, Het gebeurde nog eens met een als Franstalige kunstenaar geboekstaafde Joëlle Tuerlinckx in 2008.
Ricardo Brey is net zoals die”andere” Gentenaar Pascal Marthine Tayou een geïntegreerde kunstenaar die inmiddels deel is geworden van de reguliere kunstwereld en dito kunstmarkt.
Vooral wijlen Jan Hoet was de promotor van deze kunstenaars die vanuit humane overwegingen kunst produceren die niet ressorteert onder het label van intellectualistisch-conceptueel en politiek-correcte kunstproductie.
De kunst van Ricardo Brey is niet meteen “schoon” – maar toont ook de “vuile” kant van het leven door manipulaties en recyclage van gebruikte, en met tweede-hands voorwerpen die een “nieuwe wereld” van associaties dreigen op te roepen.

Is hij een typisch Cubaans kunstenaar? Teert hij op zijn “exotische afkomst” ? – Wel neen, zijn roots is als een sokkel waarop dingen worden gezet die hem in die objecten op een kritische en poëtische manier laten “communiceren” met dé wereld en met diegenen die zijn kunst kunnen en willen zien en ondergaan. Hij is op en top een “open” kunstenaar die de kunst nog het liefst ziet functioneren in een publieke context weg van de “enge” opgesloten beslotenheid van de officiële kunstinstelling. Het zijn redenen die hem als kunstenaar soms dicht in de buur brengen van die “andere” doorslaggevende “perifere” maar toch zo radicale kunstenaars zoals David Hammons en Jimmie Durham, Durham die onlangs nog schitterde in het MuhKa en in de catalogus een uiterst mooie tekst schreef over zijn confrater/kunstenaar Ricardo Brey.
Zoals dit over het ophefmakende Documenta-werk van Brey in 1992:
“Dit werk van niet theatraal, het was alsof men een schilderij binnenstapte. Het was eenvoudig en uiterst complex. (…) er was geen duidelijk verhaal”.
En over de vermeende bloedkleur (sepia…) in het werk in Kassel schreef Jimmie Durham:
“het was een verontrustend organisch bruin – hij schudde flessen Coca Cola en gebruikte ze als spuitverf. Cuba Libre”.

Deze korte beschouwing staat in de schaduw van hoe de kunstenaar Ricardo Brey zelf zijn wereld-beelden vertolkt; hij spreekt en denkt logisch en helder en fascineert publieken omdat zijn taal niet het kryptische discours navolgt van vb Muhka-directeur/curator Bart De Baere.
Ricardo Brey volgt het pad van het existentieel-humane en dat verhaal behoort iedereen toe.

De vrijheid van denken wordt verdisconteerd in een vrije plastische taal wars van adagio’s en canons qua schoonheid, esthetische duurzaamheid of pre-smaak bedachte avances naar de kunstmarkt. Zijn denken bepaalt de stijlloosheid van zijn werk dat recht evenredig blijft met het verlangen naar een “directheid” tussen mentale en het (kunst)object.

Ricardo Brey:
“Mijn stijl is denken. Ik denk, en zolang dit blijft doorgaan en niet versteend wordt door academia, zal ik kunstenaar zijn, net zoals ik dat op dit eigenste moment droom te zijn”.

Het expo-drieluik in Antwerpen is fascinerend en laat duidelijk zien dat Ricardo op zijn best is buiten het MuhKa – buiten het institutioneel-sanctionerende cocon waaraan de kunst en de kunstenaar worden bloot gesteld.
In het plechtstatige Antwerpse Atheneum – waar ooit de zaden ontkiemden van het Vlaams Nationalisme – is in de monumentale zaal AthenA waarin zich ook een permanent werk bevindt van Luc Tuymans, de fantastische installatie te zien “Universe” (2002-2006) – welgeteld 1004 tekeningen zitten veilig onder het glas van een woud van identieke vitrines. De algemene aanblik van deze ruimte-vullende installatie is ronduit overmeesterend en indrukwekkend. Het is alsof een wetenschapper zijn voorlopig onderzoek “vertoont” en hiermee een onuitgesproken verlangen uitdrukt om de wereld te beheersen/ te begrijpen en alsnog – omdat het niet anders kan – te laten ontsnappen aan elke vorm van redelijke rede/orde. De mens faalt in het meten en opmeten van het onmetelijk universum dat niet te vatten blijkt. De evolutie van wat wij de wereld noemen wordt hier voorgesteld als een onhoudbare meanderende stroom van organisch materiaal dat zichzelf met de tijd .. opheft, erodeert en opnieuw genereert tot een liquide toestand. Een wereld die constant in beweging blijft net zoals de mens die een klein deeltje is van de “grote keten/cyclus” van verandering, mutatie en verdwijnen zoals dat gebeurt in de zogenaamde natuur. De vitrines met hun al dan niet vuile documenten/tekeningen/reproducties en organisch materiaal waarop stof en opgedroogd modder de tijd laten zien/ ervaren, zijn als het ware een oceaan van informatie – onoverzichtelijk, niet logisch te beheersen en dus absoluut niet te begrijpen. De obsessie waarmee Ricardo Brey zijn werk samenstelt getuigt van een verzet tegen het statuut van een kunstwerk als het gladde en meteen meeneembaar-mercantiele object gedirigeerd door de actuele verhitte kunstmarkt, die vandaag als nooit tevoren functioneert als een handige parkeerruimte voor kapitalen die vandaag economisch toch niet meer renderen.
Ricardo Brey gaf zijn gehele oeuvre als het ware een patine die de abstracte notie “tijd” zichtbaar en visueel maakt. Is zijn werk oud of nieuw: het doet er niet toe !
De context van de AthenA zaal die eruit ziet als een soort gerestaureerde ruïne na een recente felle brand, is de gedroomde plek die qua uitstraling/sfeer naadloos accordeert met de tijd die verglijdt bij het geduldig prospecteren van en flaneren langs al die vitrines.
Wat mij betreft is deze installatie letterlijk een school-voorbeeld en nu al één van de hoogtepunten van het voorjaarse expo-seizoen in ons land.
Een andere “extramuros” installatie is de installatie “Every life is a fire” die oorspronkelijk in 2010 werd bedacht voor de expo-ruimte van Cc Strombeek. Het werd met vele bollen aan kettingen een soort seculiere installatoire overschouwing met denkbeeldige planeten die rustten op de zwarte, wit gespikkelde vloer van het cultuurcentrum. Nadien kwam dit werk terecht in de Sint-Baafskathedraal in Gent en nu in de Sint-Pauluskerk in Antwerpen.
Wat mooi is het om te zien hoe de verschuiving in context een impact betekent op de lectuur van het kunstwerk. Daar waar in het “aura-loze” Cc Strombeek de overwegingen overhelden naar wetenschappelijke gedachten; dwalen de interpretaties in de context-presentatie van een kerk in de “galerijen” rond van het existentieel-metafysische – temeer omdat de gebruikte materialen van de bollen/planeten zoals,ijzer, lood en eieren – mythisch-beladen verhalen oproepen.
In het museum MuhKa is het genieten van de onge-brey-delde vrijheid van de manier waarop Ricardo Brey alles met elkaar verzoent, herstelt en terug in een plooi brengt en die doet nadenken over het zinloze éénheidsdenken op alle vlak bij processen van het mentale “world making”.
Elk werk van Ricardo Brey is een wereld an sich – soms wordt het heel ontroerend hoe hij vb een leeuw met uithangende staart perfect in een vitrine drapeert alsof het een (onschadelijk) en te koesteren juweel betreft.
De meest recente werken de “dozen” zijn wellicht een exacte, artistieke “condens” van zijn vrije intenties. De dozen die doen denken aan archief en administratie, onthullen langzaam in een haast choreografisch-manuele “ontvouwing” van de inhoud ervan een fascinerende wereld. Telkens een mini-wereld waarin van alles zit gaande van antiek aandoende beeldjes, onleesbare documenten én materialen zoals kralen, metalen, parels enz.. die als een materiële index doorgaan in zijn gehele oeuvre.
Het is tekenend dat Ricardo Brey zijn werk veelal afsluit en “intiem-intern” houdt in containers zoals archiefdozen of vitrines. De fragiele kunst van Ricardo Brey nestelt zich in een paradoxaal intiem-publieke huls waarin de formele geborgenheid van zijn gematerialiseerd denken zichzelf beschermt alsof het om bedreigd hoog goed gaat en dat is het ook !

De artistieke productie van Ricardo Brey wordt in de inspirerende expo-cyclus van het Muhka geplaatst in een verhaal “op de bodem van de hemel” – deze upside-down gedachte verwezenlijkt een panoramische visie op drijfveren van ons leven waarin precies het bewust-zijn van de sterfelijkheid de kunst en de cultuur aan zwang houdt.
Ricardo Brey vertroebelt het zicht en het uitzicht op een egale, veilige wereld die absoluut niet strookt met de flitsende flashy kunstwereld waarin zijn kunst (ook) terechtkomt – maar wel met de “real” wereld en dat wringt bij het besef hoe en waarom de wereld van vandaag bestaat uit on-werkelijkheid gebaseerd op mentale en ideologische terreur.
In het oeuvre van Ricardo Brey huist in al zijn perfect en liefdevol bij elkaar gebrachte snuisterijen en aftandse en abjecte objecten, een wereld waarin alle gedachten naast elkaar vegeteren.
Het oeuvre van Ricardo Brey is als een helende bron waarin het verleden zich de realiteit aanmeet van de hedendaagsheid. Daarin ligt de impliciete, humane “missie” van deze inventieve artistieke productie van een kunstenaar akomstig van “daar & hier” !



Luk Lambrecht

Soyez le premier à commenter

Poster un Commentaire

Votre adresse de messagerie ne sera pas publiée.


*


Ce site utilise Akismet pour réduire les indésirables. En savoir plus sur comment les données de vos commentaires sont utilisées.